HOME· NIEUWS· ARTIKELEN· ACTIVITEITEN· FORUM· LINKS· OVER PVP
Artikelen | 05 maart 2003
Preken leren van Jezus 3
Een Model Voor Verdere Bespreking

Door: Rolf Robbe

.

In het eerste artikel over Preken leren van Jezus hebben we zijn optreden getypeerd en in een aantal bespreekpunten consequenties voor ons optreden aan verbonden. In het tweede artikel hebben we in een dertiental punten een schets gegeven van Jezus’ wijze van (s)preken. Voordat we vanuit Jezus’ spreken lijnen trekken naar ons (s)preken hier en nu plaatsen we eerst onze bevindingen in een schema. Vanuit dat overzicht gaan we na wat wij kunnen leren voor onze roeping hier en nu van de middelen en methoden die Jezus inzette bij zijn spreken.

.

Jezus (s)preken als voorbeeld

.

In dertien typeringen schetsten we in het vorige artikel Jezus’ spreken. We vatten nu die uitkomsten samen en rangschikken die in het schema hieronder. In de grijze cellen staan de structurerende elementen van Jezus spreken en de kenmerken die we daarover hebben gevonden: over hoe hij zelf is als spreker, hoe hij gebruik maakt van de communicatieve situatie, hoe hij zich richt op zijn luisteraars en hoe hij zijn boodschap aanpast. In het binnenste gedeelte van het schema staan de activiteiten die Jezus als spreker uitvoert.

.

 

.

 

..................................
 .

Gebruik communicatieve situatie

.

Hij zoekt de mensen op in hun omstandigheden en maakt gebruik van elementen uit hun eigen omgeving.

 
.

Optreden als spreker

.

Vanuit een diepe bewogenheid met en kennis van zijn hoorders zet hij zich totaal in om ze te laten kiezen voor het evangelie van de verlossing.

.

Hij is een goede onderwijzer en treedt als leider vol liefde doelgericht op.

.

 

.

Strategie

.

Jezus zoekt de mensen op en gaat met hen in gesprek. Hij doorziet de strategie van de luisteraars en houdt daarmee rekening in zijn spreken.

.

Hij communiceert op verschillende niveaus en houdt rekening met de leerstijlen van mensen.

.

Oriëntatie op luisteraars

.

Hij richt zich op de wisselende achtergrond die zijn luisteraars hebben wat betreft kennis van en houding ten opzichte van Jezus

 .

 

.

Inhoud

.

Jezus wil zijn boodschap begrijpelijk en aansprekend verwoorden. In zijn spreken zijn veel didactische elementen.

.

Hij haakt in op en gebruikt situaties en problemen uit het leven van mensen.

.

Hij heeft oog voor de omstandigheden van de mensen.

.

Hij is concreet.

.

Hij schakelt alle zintuigen in.

.

Hij demonstreert zijn spreken met handelen.

 
 .

Vorm

.

Hij varieert in gespreksvormen: al naar gelang zijn doelstelling kiest hij voor een monoloog een dialoog of een groepsgesprek.

 
 .

Presentatie

.

Door het inzetten van allerlei (non) verbale activiteiten ondersteunt Jezus zijn boodschap

.

Hij demonstreert zijn spreken met handelen.

.

Hij laat zichzelf met al zijn gevoelens zien in zijn spreken.

 
 .

Taalgebruik

.

Jezus stemt zijn taalgebruik in aanspreken en terminologie af op zijn luisteraars. Hij spreekt mensen direct en persoonlijk aan.

 
 .

Feedback

.

Jezus roept roepen reacties op en signaleert wat zijn luisteraars doen en denken.

 
 .

Zijn boodschap

.

Jezus stemt zijn boodschap af op het publiek dat Hij voor Zich heeft.

 
.

 

.

 

.

Jezus volgen in (s)preken en luisteren

.

Vanuit dit overzicht met typeringen van Jezus’ optreden en spreken gaan we na hoe wij hem daarin kunnen volgen: wat kunnen we leren van Jezus?

.

Allereerst moeten we vaststellen dat Jezus zelf de boodschap is van al zijn en ook ons spreken: hij is de enige Verlosser en Heer. Voor ons geldt: hij is de inhoud van ons spreken en zonder hem kunnen wij niets doen. We kunnen alleen maar over hem spreken vanuit een levende relatie met hem. Alleen in verbondenheid met Jezus krijgt ons spreken effect, vinden wij de juiste woorden, kunnen wij hem recht doen in ons spreken, in ons gedrag. Daarmee krijgt ons model een extra laag, een derde dimensie die ligt op alle omstandigheden en al ons handelen. Het is de relatie met Jezus die ons als spreker motiveert en richt op onze luisteraars, die onze doelstellingen bepaalt en de inhoud van ons spreken, die onze manier van zeggen, onze bewogenheid met mensen en onze wil om te spreken en reageren beïnvloedt. Zonder hem is al ons spreken zinloos. In heel ons handelen en al ons spreken staat hij centraal. Het tweedimensionale schema hieronder dient u dus te zien in het licht van die derde dimensie.

.

Het schema zelf bevat verder gerichte aanwijzingen afgeleid uit wat Jezus deed. Ze zijn vooral bestemd voor een preek in een reguliere eredienst, maar ook voor ons spreken elders heeft het wel wat te zeggen.

.

 

..................................
 .

Gebruik communicatieve situatie

.

Ga na in welke omstandigheden mensen leven: werk, school, gezin, buurt, sport én kerk.

.

Bedenk hoe je dit in de eredienst kunt gebruiken.

 
.

Optreden als spreker

.

Werk aan je relatie met Jezus: wat betekent hij voor jou persoonlijk?

.
.

- Bestudeer zijn woorden en daden en wat ze voor jou betekenen.

.

Verdiep je in het leven van je luisteraars en hun existentiële nood, hun wezenlijke vragen

.

Ga na wat je motieven zijn om dit gedeelte uit Gods woord voor de mensen te preken.

.

Durf te spreken met gezag.

.

 

.

 

.

 

.

Strategie

.

Ga na welke vragen en problemen luisteraars hebben rond dit onderwerp.

.

Bedenk welke werkelijke vragen daaronder liggen, zoals waar zijn ze bang voor, wat willen ze bereiken of vermijden.

.

Stel in je preek centraal: wat verwacht je eigenlijk van Jezus?

.

Kies een doelstelling voor je preek gericht op het veranderen van gedrag (? waarom niet (ook) houding en of kennis).

.

Bedenk wat de beste manier is om dit onderwerp bij je luisteraars te brengen.

.

Oriëntatie op de luisteraars

.

Stel de volgende kenmerken van je publiek vast:

.

Zijn ze geïnteresseerd in dit onderwerp?

.

Met welk doel komen ze luisteren?

.

Hoe speelt dit onderwerp in hun leven?

 .

 

.

Inhoud

.

Besef dat het in je preek altijd gaat om het verkondigen van Christus en van zijn Koninkrijk.

.

Sluit in je preek aan bij het leven van mensen en bij hun werkelijke vragen.

.

Noem concreet situaties, vragen en problemen van mensen. Geef aanwijzingen voor het dagelijkse leven.

.

Zorg ervoor dat je preek begrijpelijk is en blijft: kies een goed te volgen opbouw, houd rekening met de concentratie bij je luisteraars, ondersteun je preek met visuele middelen.

 
 .

Vorm

.

Varieer in je stijl en vormen: wissel bijv. uitleg, gedicht, interview af.

.

Laat je monoloog eigenlijk een gesprek zijn met de luisteraars.

 
 .

Presentatie

.

Wees jezelf in je spreken als iemand die wil leven in innige relatie met Christus en laat dat ook zien.

.

Benoem je eigen overwegingen, vragen en overwinningen. Wees gerust eens ontroerd.

.

Houd oogcontact en spreek mensen persoonlijk aan als in een gesprek.

.

Gebruik technieken en middelen om je preek aantrekkelijk te maken: voorwerpen, (voor)beelden en handelingen.

.

Schakel meerdere wisselende zintuigen in bij je preken.

 
 .

Taalgebruik

.

Kies woorden en (voor)beelden uit het leven van je luisteraars.

.

Gebruik concrete woorden.

.

Leg abstracte termen (genade, liefde) uit in termen van gedrag.

.

Spreekt mensen direct en persoonlijk aan. Gebruik persoonlijke voornaamwoorden: u, jij, ik.

 
 .

Feedback

.

Stel vragen.

.

Roep reacties op.

.

Las denkpauzes in in je preek.

.

Geef discussievragen en opdrachten voor direct of thuis

.

Gebruik een preekverwerking.

.

Kom in een volgende preek terug op je eigen woorden

 
 .

De boodschap

.

Richt deze preek het leven van de luisteraars op Christus?

.

Past de inhoud en vorm van de preek bij het publiek: wat leeft bij hen hier en nu, wat kunnen ze aan qua moeilijkheid en lengte, wat is een aansprekende stijl, welke opbouw is goed te volgen.

 
.

 

.

 

.

Gesprekspunten

.

Met deze artikelen is niet het laatste woord gezegd over de verkondiging van het Woord. Integendeel, we willen juist verder denken en spreken over christocentrisch preken. We nodigen ieder uit die wil reageren op deze artikelen en die wil bijdragen aan een verdere uitwerking ervan. In het eerste artikel hebben we al enkele bespreekpunten gegeven als een aanzet voor zo’n gesprek. Om het gesprek nog meer te stimuleren formuleren we ook bij dit artikel een aantal gesprekspunten. Ze gaan over de persoon van de predikant, de wijze van en de inhoud van zijn (s)preken.

.
.

q Een predikant bedriegt zijn gemeente, zichzelf en God als hij preekt zonder dat hij Christus in zich weet.

.

q Een preek is eigenlijk een uitvergroot pastoraal gesprek.

.

q Een predikant kan tijdens de preek ook anderen actief sprekend een rol laten spelen bijvoorbeeld om een ervaring te vertellen, een gedicht voor te dragen of vragen te stellen.

.

q Een preek (of deel ervan) met een sterk lerend karakter vraagt om een creatief gebruik van didactische middelen als discussie, opdrachten en gebruik van ondersteunende middelen en materialen.

.

q Een predikant loopt regelmatig een werkdag mee met een gemeentelid.

.

q In een preek is ruimte voor humor, ontroering en verdriet waarbij de predikant als identificatiefiguur de gevoelens van zichzelf en de gemeente vertolkt.

»
Preken leren van Jezus 2
»
Preken: roepen tot gemeenschap met Christus
»
Verstaat u wat u zegt en hoort?
»
The Power in Preaching
»
Gezocht: Broodpreken
»
Preken van vlees en bloed
»
Spirituele Christologie
»
Application Without Moralism
»
Paradoxen van evangelisch preken
»
Christocentrische prediking
»
De crisis der echtheid
»
De preek als Stem van Christus
»
How Does Unction Function?
»
Wat is ‘expository preaching’?
»
De kerk moet nu spreken
»
Preken moeten over het leven gaan
»
A Primer on Preaching like Jesus
»
Only Human
»
Het geheim van de preek
»
How the Text Can Form the Sermon
"Wij prediken Christus, de kracht van God en de wijsheid van God!" (1 Korintiërs 1:24)